Eerlijke Flex

////De zp'er is (gelukkig) in opkomst, en moet als...

EconomischDe zp'er is (gelukkig) in opkomst, en moet als ondernemer z'n eigen sociale verzekeringen regelen

Drs. Wim Davidsetoekomstverteller

De zp'er is (gelukkig) in opkomst, en moet als ondernemer z'n eigen sociale verzekeringen regelen

Van de werkzame personen is momenteel 21% laag opgeleid, aan het begin van deze eeuw was dat nog bijna 30%. Van de lager opgeleiden werkt 42% en is 15% werkloos. Van de werkzame personen is momenteel 35% hoog opgeleid, dat was 25%. Van de hoogopgeleiden werkt 84% en is 5% werkloos. We worden overduidelijk een kenniseconomie.

Naast een kenniseconomie worden we ook steeds meer een flexeconomie. Het aandeel vaste banen neemt af en tegelijkertijd neemt het aandeel flexbanen en zelfstandigen toe.  Ondanks alle economische turbulentie is het aantal oproep- en invalkrachten en zelfstandigen sinds 2008 zelfs toegenomen. Er zijn verschillen, en die lopen langs de lijnen van de kenniseconomie. Van de laag opgeleiden heeft 64% een vast contract, aan het begin van deze eeuw was dat nog 75% procent. Van de hoogopgeleiden heeft 68% een vast contract, dat was 77%. Van de laag opgeleiden is 9% uitzend-, oproep- of invalkracht, dat was 8%. Van de hoog opgeleiden is dat slechts 3%. Hoogopgeleiden zijn, als flex een issue is, het liefst zelfstandig.   17% van hen is dat al. Bij laag opgeleiden ligt dat percentage op 15%. Niet alle zelfstandigen zijn zp’er. 45% heeft bijvoorbeeld een webshop, haarsalon, personeel et cetera

Zelfstandigen tegen wil & dank

Van alle zelfstandigen is 17% laag opgeleid, voorheen was dit  25% en 41% hoog opgeleid, dit was 28%. Hiervan is 65% man en 35% vrouw. Van het aantal nieuwe zelfstandigen is 7% laag opgeleid en 55% hoog opgeleid. Tussen de nieuwe laagopgeleide zelfstandigen zitten ook ztwd’ers, oftewel zelfstandigen tegen wil & dank.. Denk hierbij aan thuiszorgers, postbodes en wellicht wat chauffeurs van Uber. Tussen de nieuwe, hoogopgeleide zelfstandigen zitten ook oud-McKinseyanen die ontdekten dat hun klanten minder konden betalen terwijl ze zelf tegelijk meer konden verdienen. En ook de znp’er (de zelfstandige na pensionering) is in opkomst. De zelfstandige na pensionering. De znp’er gaat zelf op zoek naar nieuwe prikkels. Deze kennis- en flex trends zetten, als er bij wet- en werkgevers niet wezenlijk iets verandert, tot 2020 gewoon door.

En gelukkig. Want uit onderzoeken blijkt dat van alle werkenden de zp’ers het gelukkigst  én het sterkst betrokken zijn. En derhalve het waardevolst.

Werkzekerheid

Zp’ers hebben vanzelfsprekend geen vast arbeidscontract voor onbepaalde tijd en geen baanzekerheid. Afgaande op de geschetste cijfers en trends hebben ze wél werkzekerheid. Maar hoe zit het met de sociale zekerheid? Voor ‘de wet’ is een zelfstandige niet werk- maar ondernemer. Dan gaat het over ‘geen gezagsverhouding met de opdrachtgever’ en ‘voor eigen rekening en risico’. En dus kent de zp’er geen werknemersverzekeringen. Geen WIA, geen WW en geen ZW. En bouwt geen werknemerspensioen op. Hoe vangt de zp’er dat op? Niet. Nou ja, in beperkte mate.

Een zp’er is zijn eigen sociale zekerheid

Twee derde van de zp’ers (en zzp’ers) heeft geen arbeidsongeschiktheidsverzekering, zo bleek eerder deze zomer. Ruim de helft heeft geen financiële buffer en slechts de helft heeft ‘iets geregeld’ voor pensioenopbouw. Dat klinkt licht verontrustend. Vermoedelijk speelt daarbij ook een korte termijn-oriëntatie: waarom zou je nu je geld in dure voorzieningen voor een onzekere toekomstige ontvangst steken? Heel menselijk, deze fameuze ‘hyberbolic discounting’, maar dat is ook precies de reden dat Drees destijds deelname aan de sociale zekerheid (grotendeels) verplicht stelde. We hebben gezien dat de gemiddelde zp’er zó goed op de arbeidsmarkt ligt, dat hij redelijk veilig is voor de gemiddelde tegenslag. Uit weer ander onderzoek bleek bovendien recentelijk dat ruim meer dan drie kwart van de zp’ers jaarlijks werkt aan zijn ontwikkeling en opleiding. Een zp’er is dus als het ware zijn eigen sociale zekerheid.

Werkondernemersverzekering

Tot op zekere hoogte tenminste. Er kunnen je onhandige en gevaarlijke dingen overkomen! Waarschijnlijk wil jij met alle plezier doorwerken tot je 70ste, of misschien zelfs langer.  Ondanks dat  zullen er uiteindelijk toch een paar jaar overblijven, waarin je geen inkomsten meer hebt en toch boodschappen moet doen. Daarom pleit ik voor een minimum-verplichting tot deelname aan werkondernemersverzekeringen. De overheid moet er wel voor zorgen dat die verzekeringen een sterke prijs/kwaliteitverhouding hebben.

Ik geloof niet zo in pure marktwerking in deze ‘markt’ voor sociale verzekeringen. Er is daar té veel marktfalen om het helemaal aan commerciële partijen over te laten.

Resumerend kom ik tot de volgende paradoxale conclusies:

  • Geef zp’ers, in ons aller belang, maximaal de ruimte! De zp’er is een slimme, verstandige vakman/-vrouw die zich continu ontwikkelt en ten behoeve van de eigen materiële én immateriële groei gebruik maakt van de groeiende mogelijkheden. Die bevlogenheid brengt organisaties, onze nationale economie en onze samenleving vervolgens op alle fronten enorme voordelen: service, teamspirit, energie, kwaliteit, productiviteit, innovatie, internationale concurrentiekracht, groei.
     
  • Beknot zp’ers, vooral in hun eigen belang, wat in hun vrijheid. Want, ‘de’ zp’er regelt zijn eigen sociale zekerheid onvoldoende. Dat is menselijk, en daarmee op een gekke manier logisch en voorspelbaar. Daarom moet de overheid een minimale verplichting tot werkondernemersverzekeringen invoeren én sterk faciliteren.

Zodat we straks met gerust hart kunnen stellen: ondernemen – succes verzekerd!

Drs Wim Davidse is toekomstverteller en strategisch prestatie-adviseur. Hij gelooft heilig in de vitale mix van energiek ondernemen en aanstekelijk werkgeverschap en de essentiële rol van flexibiliteit (zonder flexibiliteit geen zekerheid!).

Terug naar het overzicht

Reageer